slaghout
onzijdig (het)/'slɑxhɑut/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- houtenknuppel waarmee men de bal slaat bij honkbal, slagbal, cricket, softbal enz.De enige score in het uitverkochte Wrigley Field kwam tot stand in de zevende inning. Coco Crisp kreeg de worp van pitcher Carl Edwards jr. vol op het slaghout en de bal verdween diep in het achterveld. Voor Michael Martinez was er precies tijd genoeg om over de thuisplaat te duiken. Zaterdag kunnen de Cubs al revanche nemen, dan staat het vierde duel in de finale op het programma. Wie het eerst vier keer wint, steekt de titel op zak. de Standaard 29/oktober/2016Het slagbaltoernooi, voor de groepen vijf en zes van de basisscholen op het sportcomplex van Luctor et Emergo aan de Horstlaan is gistermiddag halverwege afgelast. Door de regen kregen de sporters gladde handen waardoor het slaghout regelmatig door de lucht vloog. Tubantia 09-juni-2010
Vertalingen
Engelsstick, bat
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek