snoten
/ˈsnotə(n)/
Wat is de betekenis van snoten?
snoten betekent: meervoud verleden tijd van snuiten
Betekenis
werkwoord
- meervoud verleden tijd van snuiten
Voorbeelden van "snoten" in een zin
- Wij snoten.
- Jullie snoten.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek