snotziekte
vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een vogelziekte die kippen ziek kan makenKippen in de Gelderse Vallei kampen met twee besmettelijke ziektes: snotziekte en salmonella. Pluimveehouders houden massaal hun dieren binnen.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek