snuiter

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. informeel, persoon (informeel), (persoon) een raar, vreemd persoon
    Een figuratieve ambachtsman die flirtte met pop-art, die niks moet hebben van het minimalisme van grote rode vlakken of barbaarse abstracte kunst, maar portretten maakt en reusachtige kleurrijke natuurschilderingen. Een vrolijke, innemende snuiter bovendien. de Volkskrant John Schoorl25 februari 2019 [https://www.volkskrant.nl/cultuur-media/81-jarige-kunstenaar-david-hockney-woont-in-los-angeles-met-zijn-entourage-en-komt-de-dag-door-met-heel-veel-sigaretten-maar-zonder-alcohol~b394910a/ 81-jarige kunstenaar David Hockney woont in Los Angeles met zijn entourage en komt de dag door met heel veel sigaretten, maar zonder alcohol]
  2. gereedschap (gereedschap) werktuig lijkend op een schaar om de verbrande pit van kaarsen af te knijpen (de kaars te snuiten)
    Een kaarsvormige snuiter.

Etymologie

*afgeleid van snuiten

Vertalingen

Engelschap, fellow, guy