souper
onzijdig (het)/supe/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (voeding) een min of meer feestelijke maaltijd die meestal later op de avond wordt genuttigd, bijv. na afloop van een voorstelling of tijdens een chic feest's Nachts ging het hele gezelschap weer met de tram naar de Euterpestraat waar een souper klaarstond. {{Aut|Boumans, ToniJuliana zou in haar Canadese jaren talloze picknicks, soupers en tennispartijtjes van aunt Alice bezoeken en altijd kerstavond bij haar vieren, maar na zes weken Government House verhuisden de drie vrouwen begin augustus met hun lijfwachten en de kinderen opgelucht naar hun eerste eigen woning, 120 Landsdowne Road, Rockcliffe, Ottawa. {{Aut|Withuis, JolandeZe nemen vanavond afscheid in stijl, tijdens een licht souper in het plaatselijke café. Op het menu staan onder meer gerookte zalm, paling en whisky, rookkaas, rookvlees en rookworst. En dan een fijne sigaar toe natuurlijk. Tubantia 30-juni-2008
Etymologie
*uit het Frans
Vertalingen
Engelssupper, festive dinner
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek