speelzaal

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈspelzal/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zaal voor kinderspelen
  2. sport, spel (sport) (spel) zaal voor spel en sport
  3. spel (spel) zaal voor kansspelen

Vertalingen

Spaanscentro de ocio, salón de juego, salón de juegos