speenvarken
onzijdig (het)/ˈspeɱvɑrkə(n)/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (evenhoevigen) een big dat nog gezoogd wordt
Etymologie
* In de betekenis van ‘jong varken’ voor het eerst aangetroffen in 1253
Uitdrukkingen
- Gillen (krijsen, schreeuwen, ....) als een [mager] speenvarken — Luid tekeergaan (meestal uit machteloze frustratie over iets)
Vertalingen
Engelssucking pig
Franscochon de lait
DuitsSpanferkel
Spaanscochinillo, lechón
Zweedsspädgris
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek