spiegelen
/ˈspiɣələ(n)/
Wat is de betekenis van spiegelen?
spiegelen betekent: (kristallografie) een operatie waarbij de afstand tot een spiegellijn in twee, of een spiegelvlak in drie dimensies in richting omgekeerd wordt
Betekenis
werkwoord
- (kristallografie) een operatie waarbij de afstand tot een spiegellijn in twee, of een spiegelvlak in drie dimensies in richting omgekeerd wordt
- het verschuiven van koopwaar naar de voorste rand van een schap om de indruk te wekken dat het schap vol is
- (psychologie) een vorm van niet-verbale communicatie waarbij de ene gesprekspartner bewegingen van de ander, zoals het kruisen van de benen navolgt
- (refl) zich ~ aan zich vergelijken met de vermeende omstandigheden van anderen
Voorbeelden van "spiegelen" in een zin
- Deze structuur bevat beide enantiomeren van een molecuul omdat door de symmetrie het ene molecuul gespiegeld wordt in het andere.
- Hij spiegelde zich altijd aan de andere jongens in de klas, zonder te zien dat zij ook hun onzekerheden hadden.
Etymologie
*Afgeleid van spiegel
Vertalingen
Engelsreflect
Spaansreflejar
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek