spieken

/ˈspikə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) bedrog plegen bij een schooltest
    Er is veel gespiekt bij dat examen.

Etymologie

* Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘afkijken’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1934

Vertalingen

Engelscrib