sprookje
onzijdig (het)/ˈsprokjə/
Wat is de betekenis van sprookje?
sprookje betekent: een meestal moraliserend verhaal voor kinderen waarin fantasiewezens en magie een belangrijke rol spelen
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een meestal moraliserend verhaal voor kinderen waarin fantasiewezens en magie een belangrijke rol spelen
- iets wat te mooi is om waar te zijn
Voorbeelden van "sprookje" in een zin
- Hans en Grietje, Sneeuwwitje, de Gelaarsde kat zijn bekende sprookjes.
- In de prachtige film Boyhood vraagt het jongetje Mason: ‘Papa, sprookjes zijn niet echt, hè? Ik bedoel, zoals elfjes enzo. Dat hebben mensen gewoon verzonnen.’Roos {{Aut|Vonk
- Het leek wel een sprookje zo mooi maar toch voelde ik me niet op mijn gemak en ik wilde hier zo snel mogelijk weg.
Etymologie
* Verkleinwoord bij sproke.
Vertalingen
Engelsfairy tale
Fransconte de fées
DuitsMärchen
Spaansfábula, cuento de hadas
Zweedssaga
Deenseventyr
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek