sprookje

onzijdig (het)/ˈsprokjə/

Wat is de betekenis van sprookje?

sprookje betekent: een meestal moraliserend verhaal voor kinderen waarin fantasiewezens en magie een belangrijke rol spelen

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een meestal moraliserend verhaal voor kinderen waarin fantasiewezens en magie een belangrijke rol spelen
  2. iets wat te mooi is om waar te zijn

Voorbeelden van "sprookje" in een zin

  • Hans en Grietje, Sneeuwwitje, de Gelaarsde kat zijn bekende sprookjes.
  • In de prachtige film Boyhood vraagt het jongetje Mason: ‘Papa, sprookjes zijn niet echt, hè? Ik bedoel, zoals elfjes enzo. Dat hebben mensen gewoon verzonnen.’Roos {{Aut|Vonk
  • Het leek wel een sprookje zo mooi maar toch voelde ik me niet op mijn gemak en ik wilde hier zo snel mogelijk weg.

Etymologie

* Verkleinwoord bij sproke.

Vertalingen

Engelsfairy tale
Fransconte de fées
DuitsMärchen
Spaansfábula, cuento de hadas
Zweedssaga
Deenseventyr