stand
mannelijk (de)/stɑnt/
Wat is de betekenis van stand?
stand betekent: hoe of waar iets staat
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- hoe of waar iets staat
- sociale positie in de maatschappij
- puntentelling bij een wedstrijd of een aantal cijfers op een paneel (meter)
- berisping (alleen als verkleinwoord) zie: standje
- (biologie) grootte van de populatie van een soort in een bepaald gebied
- in stand houden: zorgen dat iets niet verloren gaat
zelfstandig naamwoord
- plaats op een tentoonstelling waar producten vertoond worden
Voorbeelden van "stand" in een zin
- Dat hangt van de stand van de zon af.
- Kun je de schakelaar s.v.p. in de stand 'midden' zetten?
- Aan de stand van de zon te zien gaat haar huwelijksplechtigheid bijna beginnen.
- Zulk gedrag past niet bij zijn stand.
- ' 4 Cynth trouwde met Samuel voor de burgerlijke stand in Wandsworth, in een kleine ruimte die rook naar bureaucratie en goedkoop parfum, met donkergroene muren en ijzeren stoelen.
Etymologie
*[B] in de betekenis van ‘plaats op een tentoonstelling’ ontleend aan """ en aangetroffen vanaf 1929
Uitdrukkingen
- tot stand brengen
- tot stand komen
Vertalingen
Engelsposition, stand, class
Spaansposición, clase, estamento
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek