stand

mannelijk (de)/stɑnt/

Wat is de betekenis van stand?

stand betekent: hoe of waar iets staat

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. hoe of waar iets staat
  2. sociale positie in de maatschappij
  3. puntentelling bij een wedstrijd of een aantal cijfers op een paneel (meter)
  4. berisping (alleen als verkleinwoord) zie: standje
  5. biologie (biologie) grootte van de populatie van een soort in een bepaald gebied
  6. in stand houden: zorgen dat iets niet verloren gaat
zelfstandig naamwoord
  1. plaats op een tentoonstelling waar producten vertoond worden

Voorbeelden van "stand" in een zin

  • Dat hangt van de stand van de zon af.
  • Kun je de schakelaar s.v.p. in de stand 'midden' zetten?
  • Aan de stand van de zon te zien gaat haar huwelijksplechtigheid bijna beginnen.
  • Zulk gedrag past niet bij zijn stand.
  • ' 4 Cynth trouwde met Samuel voor de burgerlijke stand in Wandsworth, in een kleine ruimte die rook naar bureaucratie en goedkoop parfum, met donkergroene muren en ijzeren stoelen.

Etymologie

*[B] in de betekenis van ‘plaats op een tentoonstelling’ ontleend aan """ en aangetroffen vanaf 1929

Uitdrukkingen

  • tot stand brengen
  • tot stand komen

Vertalingen

Engelsposition, stand, class
Spaansposición, clase, estamento