steuntrekker
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (informeel) iemand die een beroep doet op de sociale voorzieningenVolgens mijn man bestaat de jeugd van tegenwoordig uit werkschuwe steuntrekkers, flikkers en egoïstische lamstralen. De dennengeur van ontsmettingsmiddel prikt in mijn neusgaten. 'Maar zolang Engeland nog jonge prachtkerels van jouw soort voortbrengt, Hugo, vervallen we voorlopig nog niet tot barbarij, lijkt me, mmm?' {{Aut|Mitchell, David‘Een steuntrekker hoeft niet sexy te zijn om steun te krijgen. We hoeven elkaar niet persoonlijk te kennen om te beseffen dat het werkbaar kan zijn dat we allemaal een stuk van onze wedde afstaan in ruil voor het idee dat we er ook een beroep kunnen op doen.de Standaard 27 OKTOBER 2017Minima en steuntrekkers, op naar de kringloop: Als het aan de gemeente Haaksbergen ligt, gaan 30 tot 50 uitkeringsgerechtigden aan het werk bij het nieuwe kringloopbedrijf Wawollie.Tubantia 23-JANUARI-2012
Vertalingen
Engelsperson on welfare, person on dole
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek