stempelaar
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- iemand die een uitkering ontvangtTwee keer per maand in de rij staan om een stempel te krijgen is voor Belgische werklozen een voorwaarde om een uitkering te krijgen. Binnenkort kunnen de ’stempelaars’ thuisblijven. Reformatorisch Dagblad 09-06-2005 [https://www.rd.nl/vandaag/economie/stempelaar-in-belgi%C3%AB-kan-thuisblijven-1.45205 ‘Stempelaar’ in België kan thuisblijven]Over de achtergrond van de woordvoerder van Sharia4Belgium is niet zo veel bekend. Dit is wat hij zelf vertelde in een interview dat we in februari met hem hadden. 'Ik heb altijd al gewerkt. Ik ben dus geen stempelaar.' De Standaard 07/06/2012 door me [http://www.standaard.be/cnt/dmf20120607_064 Wie is Fouad Belkacem, alias Abou Imran?]
- iemand die met een stempel stempeltDe enige inkomsten voor Schaatsvereniging Woudenberg bestaan uit de verkoop van stempelkaarten, voor wie een bewijs van zijn inspanningen wil. In een bocht van het meer staat het stempellokaal, bemand door Bert, de meest kindvriendelijke stempelaar ten noorden van Maas en Waal. Peuters met rode wangen, apetrots over die ene ronde schuifelend afgelegd aan de hand van papa, of twaalfjarigen die zich al aardig voorbereiden op het grote werk: stuk voor stuk zijn het 'kanjers' volgens Bert, een gepensioneerde meteoroloog. De Standaard 09 JANUARI 2010 Steven de foer [http://www.standaard.be/cnt/642kk9uf 'Hoe harder het ijs, hoe zachter de mensen']
Etymologie
* van stempelen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek