straat
mannelijk/vrouwelijk (de)/strat/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een weg tussen de huizen in een bewoonde plaatsDe meeste straten in woonwijken zijn gevuld met auto's.In South Lake Tahoe dook hij weer eens op en vertelde me dat een onbekende man hem in Bishop op straat had horen gitaarspelen.
- smalle doorgang tussen twee zeeën, een zee-engte, zeestraat
- reeks machines of arbeidsplaatsen in een productielijn, een productiestraat
Etymologie
*Andere Indo-Europese talen
Vertalingen
Engelsstreet, strait
Fransrue, détroit
DuitsStraße, Straße
Spaanscalle, arroyo, estrecho
Italiaansvia, strada, stretto
Portugeesrua, estreito
Russischулица
Arabischشارع
Turkssokak, cadde
Poolsulica, cieśnina
Zweedsgata, sund
Deensgade, stræde, sund
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek