talen
/ˈtalə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (intr) ~ naar informeren naar, navraag doen naar
- (intr) ~ naar smachten /"verlangen" naar; meestal in combinatie met een ontkenningTevreden mensen talen niet naar pracht en luxe.De belangstelling voor Park & Bike is klein. Honderden automobilisten vragen elke dag om het gratis tramkaartje, maar talen niet naar fietsen.
- (intr), (verouderd) spreken
Etymologie
*: "taal" met de uitgang -en
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek