toetertrouwstoet
mannelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een trouwstoet/bruidsstoet over de openbare weg waarbij de deelnemers luid toeteren en ook andere verkeersregels overtreden
Etymologie
* Samenstelling van de werkwoordstam van toeteren en trouwstoet
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek