trekkoord

alle geslachten

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. touw waar men aan kan rukken om iets te sluiten
    Mevrouw Taylor en ik knikten elkaar toe, en hoewel haar gezicht haar prettige uitdrukking niet verloor, leken haar trekken op hun plaats te vallen en zag ik dat haar dunne lippen door lijnen werden omringd, als een tas met trekkoorden.
  2. een touw waar men aan kan rukken om iets in werking te zetten

Vertalingen

Engelsdrawstring, lanyard, pull cord