troeven
/ˈtruvə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) (kaartspel) een slag overnemen door een kaart te spelen die tot de troefkleur behoortDe eerste slag werd getroefd.
Etymologie
*afgeleid van troef
Vertalingen
Engelstrump
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
*afgeleid van troef