trouvaille

mannelijk/vrouwelijk (de)/truˈvɑjə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een bijzondere vondst, een ontdekking
    De trouvaille van dit overleg: e-G8. Internet moet een van de zwaartepunten van de G8 worden.
    Mensen willen echt zoeken naar iets dat ze het meest aanspreekt. Geen massaproducten. Niet meer die grote gouden vaas, maar iets meer ingetogen luxe. Klanten hebben het gevoel een unieke vondst in handen te hebben. Een trouvaille.”

Etymologie

* uit het Frans