tuinslang

mannelijk/vrouwelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. tuinieren (tuinieren) een waterslang die gebruikt wordt om de tuin te besproeien.
    De tuinslang was gewikkeld om een haspel.

Vertalingen

Engelsgarden hose
Franstuyau d'arrosage
DuitsGartenschlauch
Spaansmanguera de jardín
Zweedsträdgårdsslang