tweekleppige
mannelijk (de)/tweˈklɛpəɣə/
Wat is de betekenis van tweekleppige?
tweekleppige betekent: (dierkunde) benaming voor waterdieren uit de klasse
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (dierkunde) benaming voor waterdieren uit de klasse
Voorbeelden van "tweekleppige" in een zin
- Verder stroomopwaarts, bij Chelsea, hebben we de schelpen van een uitgestorven soort tweekleppige uit de Nieuwe Steentijd gevonden.
- Oesters zijn tweekleppige en tweeslachtige weekdieren.
Etymologie
**: terugvorming uit "tweekleppigen"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek