uitbouw

mannelijk (de)/ˈœydbɑu/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. activiteiten om een gebouw groter te maken
  2. bouwkunde (bouwkunde) uitspringende deel van een gebouw
  3. figuurlijk (figuurlijk) ontwikkeling gericht op uitbreiding

Vertalingen

Spaansampliación