uitwonend
/œytwonənt/
Wat is de betekenis van uitwonend?
uitwonend betekent: op een andere plaats dan de normale plaats wonend, extern wonend
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- op een andere plaats dan de normale plaats wonend, extern wonend
- niet in het ouderlijk huis wonend
- niet op zijn grondgebied wonend, buiten de gemeente waar zijn grondgebied ligt wonend
- buiten het huis, de instelling waar men werkt, een opleiding geniet en dergelijke wonend
werkwoord
- onvoltooid deelwoord van uitwonen
Voorbeelden van "uitwonend" in een zin
- De au pair en het gastgezin handelen in strijd met de regeling voor au pairs als de au pair niet woont bij het gastgezin in huis.
- Om van uitwonend of thuiswonend te kunnen spreken is doorslaggevend of de student woont op het adres van zijn ouders. Bijna 80 procent van de uitwonende studenten zit regelmatig krap bij kas.
- Den toenmaligen hoogleeraar Polano stond hij als uitwonend assistent reeds ter zijde, zoo wel bij het klinisch onderwijs, als door het geven van lessen in de chirurgische oefeningen op het eadaver.
Etymologie
afleiding van uitwonen met het achtervoegsel -d, dat het onvoltooid deelwoord vormt
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek