woorden
boek
Start
›
V
›
vastgoedhandelaar
vastgoedhandelaar
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
iemand die gebouwen koopt en verkoopt
Verwante woorden
vast
vastbakken
vastbakt
vastbeet
vastbenoemd
vastbenoemde
vastberaden
vastberadenheid
vastbesloten
vastbeslotenheid
vastbijt
vastbijten
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← vastgoedhandel
vastgoedhandelaren →