vastnemen

/ˈvɑstnemə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. ov (ov) stevig grijpen
  2. ov (ov) vastpakken en niet meer laten gaan
  3. ov, verouderd (ov) (verouderd) met iemand een grap uithalen door hem iets te laten geloven dat niet waar is