vaststellen
/ˈvɑ(st)stɛlə(n)/
Wat is de betekenis van vaststellen?
vaststellen betekent: (ov) bevestigen dat iets zo is
Betekenis
werkwoord
- (ov) bevestigen dat iets zo is
- bepalen
- (ov) opleggen
Voorbeelden van "vaststellen" in een zin
- Toen de agent bij het ongeluk kwam, kon hij vaststellen dat de auto tegen de lantaarnpaal was gereden.
- Het hof zegt niet te hebben kunnen vaststellen dat er in de relatie tussen Bakker en het slachtoffer - met wie hij een verhouding had - een situatie was waarin het meisje werd gedwongen tot seksuele gemeenschap. Dat Bakker in de relatie "erg dominant" was en dat hij misbruik maakte van de kwetsbare situatie waarin het slachtoffer zich bevond, staat volgens het hof buiten kijf.
- Het vertrek werd vastgesteld op de volgende morgen.{{Aut|Herzen, Frank
- Zo kon ik na een jaar vaststellen of ik deze persoonlijke doelen had behaald.
- De overheid stelt regels vast voor het verkrijgen van een paspoort.
Vertalingen
Engelsconfirm, determine, impose
Spaansconfirmar, determinar, imponer
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek