veinzer

mannelijk (de)/ˈvɛinzər/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die veinst
    Theophrastus onderscheidde dertig mensentypen. In dertien van de dertig herkennen wij duidelijk iets van Trump: de veinzer, de wauwelaar, de behaagzieke, de desperado, de schaamteloze, de vlegel, de achterdochtige, de weerzinwekkende, de lomperik, de ijdeltuit, de verwaande, de kwaadspreker en de opschepper [https://www.parool.nl/binnenland/trump-een-president-die-zichzelf-blijft~a4599999/ www.parool.nl]

Etymologie

* van veinzen

Vertalingen

Engelshypocrite