vierwieler
mannelijk (de)/ˈvirwilər/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (verkeer) voertuig dat zich door een viertal over de bodem rollende schijven kan verplaatsenDe Tata Nano is de auto die India van de tweewielers moet genezen en laten overstappen in een vierwieler.
- (pregnant) (schertsend) gewone personenautoBij wasstraten is het donderdag topdrukte doordat automobilisten hun vierwieler massaal willen laten schoonmaken.
Etymologie
*samenstellende afleiding van "vier" en "wiel"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek