voet

mannelijk (de)/vut/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. anatomie (anatomie) voortzetting van het been beneden de enkel; lichaamsdeel waar een mens en dier op staan
    Ik heb mijn voet verzwikt.
    Ik zag een voet die geen tenen had.
    Haar vader beende de kamer in, met zijn grote voet schopte hij een Vogue onder het bed.
  2. figuurlijk, geologie, bouwkunde (figuurlijk), (geologie), (bouwkunde) de onderkant van een natuurlijke verhoging (zoals een berg of heuvel) of kunstmatige verhoging (zoals bijvoorbeeld een toren)
    Bij het zwembad ontstond commotie en iedereen begon te speculeren: ‘Zou de brand zijn aangestoken door een van de hikers?’ ’Kunnen we morgen wel richting Kennedy Meadows lopen?’ ‘Is er een alternatieve looproute?’ Het legendarische Kennedy Meadows lag nog maar vier dagen voor me, een kleine, verlaten nederzetting aan de voet van de High Sierra’s.
    We stonden aan de voet van de berg.
  3. eenheid, verouderd (eenheid), (verouderd) oude lengtemaat, de exacte lengte is streekafhankelijk, bijvoorbeeld de Engelse voet is 0,3048 meter, de Amsterdamse voet was 0,283 meter
  4. eenheid, verouderd (eenheid), (verouderd) oude oppervlaktemaat, de exacte lengte is streekafhankelijk
  5. metonymisch (metonymisch) afdruk van een voet [1]
  6. economie (economie) basis op grond waarvan iets berekend of bepaald wordt (ruilvoet)
  7. techniek, gereedschap (techniek), (gereedschap) basis, onderstuk, voetstuk

Etymologie

: : "πούς", "ποδ-" (m)

Uitdrukkingen

  • over de eigen voeten struikelen
  • Voet aan wal zetten.Aan wal gaan.
  • Voet bij stuk houdenniet toegeven, bij de eigen ideeën blijven
  • Aan de voeten van Gamaliël zittenaandachtig luisteren naar de les die een wijs persoon meegeeft
  • Geen voet buiten de deur zettenNiet uitgaan
  • Goed uit de voeten kunnen metgoed kunnen omgaan met
  • Iemand de voet dwars zettentegenwerken
  • Iemand de voet kussenerg onderdanig naar iemand doen

Vertalingen

Engelsfoot, foot, foot
Franspied, pied, pied
DuitsFuß, Fuß
Spaanspie
Italiaanspiede, piede
Portugees
Japans
Koreaans
Turksayak
Poolsstopa, stopa
Zweedsfot
Deensfod