voorhebben
/ˈvorhɛbə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (ov) van plan zijn, voornemens zijn omHij is net op kostschool gedaan door zijn ouders, die het beste met hem voorhebben, ook omdat ze zelf al op hun veertiende van school moesten.
- (ov) geconfronteerd worden met, te maken krijgen met
Etymologie
*van Middelnederlands "vorehebben", op te vatten als
Vertalingen
Engelsintend, mean
Spaansintentar, proponerse
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek