wachthok
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een overdekte ruimte waar men kan wachten op bijvoorbeeld tram of busEen raam van een wachthokje op het perron van station Veddel werd vernield door de knal. Volgens de politie zijn er aanwijzingen voor een mogelijke dader. Het blad Bild meldde dat een man uit de trein zou zijn gestapt en het pakketje neerlegde. Naar hem wordt gezocht.de Telegraaf 17 dec. 2017De nieuwe busboer verdedigde zich dat hij - door een juridische strijd met de afgeschreven concurrent - pas drie weken voor de start definitief groen licht had gekregen. Inmiddels een maand en enkele mea culpa’s verder, besloot ik het erop te wagen. Dat bleek Bussische roulette. Toen ik bij de halte arriveerde scheurde een fijne chauffeur net voor mijn neus weg. In het daaropvolgende uur blauwbekken in het wachthokje, passeerden er vijf bussen aan de andere kant van de weg.de Telegraaf 17 jan. 2017
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek