wachtte
Wat is de betekenis van wachtte?
wachtte betekent: enkelvoud verleden tijd van wachten
Betekenis
- enkelvoud verleden tijd van wachten
Voorbeelden van "wachtte" in een zin
- Ik wachtte.
- Jij wachtte.
Betekenis en uitleg van wachtte
'Wachtte' is de verleden tijd van het werkwoord 'wachten', wat betekent dat iemand of iets in afwachting is van iets of iemand. Het impliceert een periode van geduld of ongeduld terwijl men hoopt op een bepaalde uitkomst.
Je gebruikt 'wachtte' wanneer je terugblikt op een situatie waarin je niet meteen verder kon, omdat je op iets of iemand moest wachten. Dit woord kan zowel positieve als negatieve emoties oproepen, afhankelijk van de situatie, zoals spanning voor een afspraak of frustratie door vertraging. Het is een veelvoorkomend woord in gesprekken over dagelijkse ervaringen, zoals wachten op een trein of een telefoontje.
Voorbeelden
- Hij wachtte geduldig op zijn vrienden voordat ze naar het concert gingen.
- Tijdens de vergadering wachtte ze op feedback van haar collega's voordat ze verder kon.
- De kinderen wachtten vol spanning op de komst van Sinterklaas.
Woordoorsprong
Het woord 'wachtte' komt van het Oudnederlandse 'wahten', wat ook 'wachten' betekent. Het is gerelateerd aan andere Germaanse woorden die een soortgelijke betekenis hebben.
Veelgestelde vragen over wachtte
Wat is de betekenis van wachtte?
wachtte betekent: enkelvoud verleden tijd van wachten
Hoe gebruik je wachtte in een zin?
Voorbeeld: “Ik wachtte.”