wannabe

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈwonəˌbi/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die erg graag iets wil worden, zonder veel kans op succes
    Als Szary de ‘cool kid’ was en hijzelf de ‘wannabe’, was Friedrich ‘de nerd’ grapt Bronsert.
    Zoals veel generatiegenoten woont ze onder twijfelachtige omstandigheden in Williamsburg, Brooklyn – eerst met een huisgenote, later met haar vriend, de bokser annex literaire wannabe Don, in een huis dat verwarmd moet worden door de oven wagenwijd open te zetten.
    In korte bijdragen op haar website houdt ze de hele stad op de hoogte van de laatste roddels over de bloedstollend mooie Serena, over wie de wildste geruchten rondgaan, de jaloerse Blair, de op seks beluste Chuck, de knappe maar ruggengraatloze Nate, de dromerige Dan en de wannabe Jenny, die dolgraag bij dit selecte clubje zou willen horen.
  2. iemand die doet alsof hij een sociaal aantrekkelijke positie heeft
    Droeftoeters is een ode aan de wannabe, de brulaap, de blufkoning, de tofdoener, de patjepeeër, de blaaskaak en al die andere prutsers die denken dat ze heel wat zijn.
    Ekiz vertelt dat ze op straat soms extreme reacties krijgt. „Iemand riep me laatst na: Hé Turkse wannabe. En nog niet zo lang geleden: ‘Fidan kijk uit, een donkere man in de boom’. Door de één word ik gezien als allochtoon, door de ander als xenofoob.”
  3. figuurlijk (figuurlijk) slechte namaak
  4. alleen nog maar als nagestreefd doel, aspirant-
    Maar een nieuw gebit kopen lijkt iets voor wannabe televisiesterren en lichtgewichten.
    Roel Geeraedts van RTL Nieuws vindt het een “uitzonderlijk inkijkje” en is het “lesmateriaal voor wannabe correspondenten”.
    Maar zelfs als je de microfoon niet gebruikt, is het natuurlijk een bijzonder sieraad voor een echte of wannabe Idol.
  5. zonder succes nabootsend, namaak-, pseudo-, nep-
    „Er is veel wannabe papieren poëzie op podia te horen”, zegt Deckwitz. „De strofes zijn willekeurige eenheden, het enjambement is gebrekkig, de gedichten zitten vol met woorden als ‘en’ en ‘maar’. Op papier is het niets, maar op een podium kan het wel werken.
    We zijn blij dit eens te zien, maar even blij het opnieuw achter te laten. Het lijkt er immers vol te zitten met wannabe hip volk, het soort dat 's nachts nog met een zonnebril rondloopt in de hoop Sofia Coppola tegen het lijf te lopen, die hen dan uiteraard prompt zou vragen voor haar volgende film.
    In het modehoofdstuk van dit boek werden een paar voorbeelden gegeven van reacties op autochtone jongeren die zich in de stijl van zwarte hiphoppers kleedden en om die reden ‘wannabe negers’ of ‘wiggers’ werden genoemd.

Etymologie

* van "wannabe" [http://www.vandentoorntaalentekst.nl/images/Taalbeetje%20januari%202011.pdf Taalbeetje (januari 2011) op website: vandentoorntaalentekst.nl]; geraadpleegd 2019-07-01