wederopbouw

mannelijk (de)/ˌwedərˌɔbɑu/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. periode waarin de oorlogsschade door de Tweede Wereldoorlog werd hersteld
    Het begin van de periode wordt gemarkeerd door het Besluit betreffende de Wederopbouw I van 21 mei 1940 (na het bombardement op Rotterdam - dat is dus al aan het begin van de Duitse bezetting van Nederland).
    Koning verzocht hem toen de leiding te willen nemen bij het herstel en de wederopbouw van Paleis Duimgat, iets dat Kleine Woord werkelijk niet kon weigeren en trouwens graag deed ook, want overal was wel iets van te leren. {{Aut|Herzen, Frank

Vertalingen

Engelsrebuilding
Fransreconstruction
DuitsWiederaufbau