wedstrijdklok

mannelijk/vrouwelijk (de)/'wɛtstrɛɪtklɔk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. schaak (schaak) een apparaat waarbij in één behuizing twee uurwerken zijn aangebracht zodanig dat er slechts één tegelijk kan lopen. Een wedstrijdklok wordt gebruikt bij een bordspel voor twee spelers om de bedenktijd te meten
  2. gespecialiseerd tijdwaarnemingsapparaat dat wordt gebruikt voor het nauwkeurig meten van tijd tijdens sportevenementen of competities, met functies zoals optellen en aftellen