wegglijden
/ˈwɛxlɛidə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (intr) zich in een onbedoelde richting gaan verplaatsen
- (intr) weggaan met een gelijkmatige beweging als over een glad oppervlakAan de ene kant wilde ik in de late middag zo snel mogelijk de pas over, maar aan de andere kant zou het de volgende ochtend veel veiliger zijn doordat de sneeuw ’s ochtends vroeg nog bevroren zou zijn, waardoor er minder kans op wegglijden was.
- met een glijdende beweging naar beneden gaanHet pad was door hun val ook weggegleden waardoor het te gevaarlijk was geworden om dezelfde route te nemen.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek