wereldhandelsakkoord

onzijdig (het)/ˌwerəltˈhɑndɛlsɑˌkort/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. economie (economie) afspraak tussen een groot aantal landen uit verscheidene continenten die internationale transacties tussen bedrijven bevordert
    De decennia durende ‘bananenoorlog’ tussen de Europese Unie, de VS, Latijns-Amerika en Afrikaanse landen is voorbij. Gisteren kwamen alle partijen een akkoord overeen in Genève, waarmee tevens een belangrijk obstakel is weggenomen voor het bereiken van een nieuw wereldhandelsakkoord komend jaar.
    Als landbouwvoorman moet Maarsingh ook weten dat het Europese landbouwbeleid buitengewoon complex is, zeker in het licht van de uitbreiding met 10 nieuwe landen en de wereldhandelsakkoorden.

Etymologie

*, ook op te vatten als