werkplek
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈwɛrᵊkˌplɛk/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de plaats waar iemand zijn beroep uitoefend, werkvloerIn het moderne kantoor zijn er geen vaste werkplekken meer.
- de baan, de arbeidsplaatsIn dit bedrijf zijn 100 werkplekken gerealiseerd.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek