werkwoordsvorm

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈwɛrᵊkwortsˌfɔrᵊm/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. grammatica (grammatica) een vervoegingsvorm van een werkwoord.
    De woorden ga, gaat, ging en gegaan zijn voorbeelden van een werkwoordsvorm.