Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
witstok
mannelijk (de)/ˈwɪtstɔk/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (gereedschap) (historisch) houten staaf waarmee een dunne laag kalkspecie op een gemetselde muur wordt aangebracht om de poriën daarin op te vullen voordat het eigenlijke pleisterwerk wordt aangebracht
- (scheldwoord) domme onnozele jongen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek