wollen

/wɔlə(n)/

Wat is de betekenis van wollen?

wollen betekent: gemaakt van wol

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. woorden met boekreferenties gemaakt van wol

Voorbeelden van "wollen" in een zin

  • Hij draagt sinds kort weer wollen sokken.
  • Verder zaten er handschoenen, een lange wollen onderbroek, een sneeuwbril en een hele lading pillen in.

Etymologie

Afgeleid van wol met het achtervoegsel -en

Vertalingen

Duitswollen
Engelswoolen, woollen
Russischшерстяной