zager

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. biologie (biologie) verzamelnaam voor een aantal soorten borstelwormen (Nereis virens, Eunereis longissima), die geliefd zijn als aas bij zeevissers
    Hij ging het wad op op zoek naar zagers.
  2. beroep (beroep) iemand die al of niet voor den brode materialen in stukken zaagt
    We hebben nog een positie open voor een zager in ons bedrijf.

Etymologie

* van zagen