zalig

ˈzaləx

Wat is de betekenis van zalig?

zalig betekent: gerechtvaardigd tegenover God, doordat men van zonde bevrijd is

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. religie_in_het_nederlands gerechtvaardigd tegenover God, doordat men van zonde bevrijd is
  2. bijzonder aangenaam, hemels
werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zaligen
  2. gebiedende wijs van zaligen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zaligen

Voorbeelden van "zalig" in een zin

  • Christenen verlangen ernaar zalig te worden door het geloof in de Christus.
  • We hebben een zalige vakantie gehad.
  • Ik zalig.
  • Zalig!
  • Zalig je?

Betekenis en uitleg van zalig

Het woord 'zalig' beschrijft een toestand van grote vreugde of genot. Het kan ook een spirituele of hemelse connotatie hebben, waardoor het vaak gebruikt wordt in religieuze contexten of om een intense ervaring van geluk aan te duiden.

Je gebruikt 'zalig' meestal om een bijzonder aangename ervaring te beschrijven, zoals een heerlijke maaltijd of een ontspannen moment. Het heeft vaak een positieve, bijna euforische bijklank en kan ook verwijzen naar iets dat als goddelijk of verheven wordt beschouwd. Het woord wordt zowel in informele als formele situaties gebruikt, afhankelijk van de context.

Voorbeelden

  • Na een lange wandeling door de natuur voelde ik me zalig toen ik eindelijk op een bankje kon zitten.
  • De zalige smaak van de zelfgemaakte taart maakte het feestje compleet.
  • Tijdens de meditatie ervoer ik een zalige rust die ik lang niet had gevoeld.

Woordoorsprong

Het woord 'zalig' is afgeleid van het Oudnederlands 'zalich', dat verwant is aan het Germaanse 'saligaz', wat 'gelukkig' of 'heilig' betekent.

Veelgestelde vragen over zalig

Wat is de betekenis van zalig?

zalig betekent: gerechtvaardigd tegenover God, doordat men van zonde bevrijd is

Hoeveel betekenissen heeft zalig?

zalig heeft 5 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Hoe gebruik je zalig in een zin?

Voorbeeld: “Christenen verlangen ernaar zalig te worden door het geloof in de Christus.

Etymologie

In de betekenis van ‘lekker, zedelijk gelukkig’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 901

Vertalingen

Duitsherrlich, selig
Spaansbienaventurado, beato