woorden
boek
Start
›
Z
›
zangvogel
zangvogel
mannelijk (de)
/ˈzɑŋvoɣəl/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
dierkunde
(dierkunde) vogel behorende tot de talrijke orde
Mussen, nachtegalen en raven zijn zangvogels.
Verwante woorden
zang
zangavond
zangavonden
zangbalk
zangbalken
zangbalkjes
zangberg
zangbodem
zangbodems
zangboek
zangboeken
zangboekje
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← zangverenigingen
zangvogels →