zeker
/ˈze.kər/
Wat is de betekenis van zeker?
zeker betekent: waaraan niet getwijfeld hoeft te worden
Betekenis
bijvoeglijk naamwoord
- waaraan niet getwijfeld hoeft te worden
- een ~ een bepaalde, een of andere
werkwoord
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zekeren
- gebiedende wijs van zekeren
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zekeren
Voorbeelden van "zeker" in een zin
- Het voortbestaan ervan werd door deze overwinning een stuk zekerder.
- Hij werd door een zekere ziekte daarvan weerhouden.
- Tot op zekere hoogte zei ik ermee dat ik vond dat ik serieus genomen moest worden.
- Ik zeker.
- Zeker!
Etymologie
Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘veilig, stellig’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240
Vertalingen
Duitssicher
Engelssure, certain
Franssûr, certain
iocerte
papsigur
Spaanscierto, seguro
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek