zeker

/ˈze.kər/

Wat is de betekenis van zeker?

zeker betekent: waaraan niet getwijfeld hoeft te worden

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. woorden met artikelreferenties, woorden met boekreferenties waaraan niet getwijfeld hoeft te worden
  2. woorden met boekreferenties een ~ een bepaalde, een of andere
werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zekeren
  2. gebiedende wijs van zekeren
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van zekeren

Voorbeelden van "zeker" in een zin

  • Het voortbestaan ervan werd door deze overwinning een stuk zekerder.
  • Hij werd door een zekere ziekte daarvan weerhouden.
  • Tot op zekere hoogte zei ik ermee dat ik vond dat ik serieus genomen moest worden.
  • Ik zeker.
  • Zeker!

Etymologie

Leenwoord uit het Latijn, in de betekenis van ‘veilig, stellig’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240

Vertalingen

Duitssicher
Engelssure, certain
Franssûr, certain
iocerte
papsigur
Spaanscierto, seguro