zekerheid

vrouwelijk (de)/'zekərɦɛɪt/

Wat is de betekenis van zekerheid?

zekerheid betekent: het uitgesloten zijn van andere mogelijkheden

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. het uitgesloten zijn van andere mogelijkheden
  2. juridisch (juridisch) onderpand

Voorbeelden van "zekerheid" in een zin

  • Had je maar zekerheid!
  • Myra is een stadje in Lycië, aan de zuidkust van Turkije. Daar hebben twee bisschoppen gewoond die Nicolaas heetten. De eerste leefde in het begin van de vierde eeuw en de geleerden zijn het nog steeds niet met elkaar eens of over hem iets met zekerheid kan worden gezegd.
  • Gelukkig dekte mijn zorgverzekeraar mijn avontuur, maar voor de zekerheid had ik een aanvullende search and rescue-polis afgesloten mocht ik met de helikopter geëvacueerd moeten worden.

Etymologie

*Afgeleid van zeker .

Vertalingen

Engelscertainty
Spaanscerteza, certidumbre, seguridad