zelfverzekerdheid
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- de mate waarin iemand zelfverzekerd is
Etymologie
* afgeleid van zelfverzekerd
Vertalingen
Engelsself-confidence, self-reliance
DuitsSelbstvertrauen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek