zesenhalf
/ˌzɛsənˈhɑlᵊf/
Wat is de betekenis van zesenhalf?
zesenhalf betekent: (breukgetal) de breuk 6½; zes en een half
Betekenis
telwoord
- (breukgetal) de breuk 6½; zes en een half
Voorbeelden van "zesenhalf" in een zin
- Zijn zusje is zesenhalf jaar oud.
- Het meet zesenhalve meter.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek