zondagspubliek
onzijdig (het)
Wat is de betekenis van zondagspubliek?
zondagspubliek betekent: groep bezoekers die op zondag naar een evenement gaan
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- groep bezoekers die op zondag naar een evenement gaan
Voorbeelden van "zondagspubliek" in een zin
- Bij het lezen van de waarschuwing kwam de kriebelhoest al opzetten. Tussen de aria’s door gaf het zondagspubliek zich hieraan over, variërend van bescheiden kuchjes, tot de onmiskenbare rokerhoest en ernstige blafhoest, vanuit onderin de longen.
- Het lagere bezoekersaantal wijt woordvoerder Ter Beek aan het missen van „zondagspubliek”, doordat er op zondag geen open dag heeft plaatsgehad.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek