zussendag

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een dag dat zussen (en schoonzussen) iets gezelligs met elkaar gaan doen
    “Eerst uitslapen. En dan, afhankelijk van het weer, lekker wandelen met mijn hond. Ook ga ik regelmatig op zondag lunchen met goede vrienden Lange Frans en Danielle, met de kindjes erbij; heel gezellig. Of ik ga iets met mijn zusje doen. Soms hebben we op zondag een zussendag. Maar ik vind het ook heerlijk om de hele dag in huis te blijven: eten bestellen, filmpjes kijken. Of een beetje opruimen. Kleren opvouwen, schoonmaken, dat werkt echt als therapie voor mij.” De Telegraaf 15 nov. 2015 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/480780/de-ultieme-zondagochtend-van-kim-feenstra De ultieme zondagochtend van Kim Feenstra]